Over Suriname

Suriname

Suriname, officieel de Republiek Suriname, is een republiek aan de noordoostkust van Zuid-Amerika. Het
land grenst in het oosten aan Frans-Guyana, in het westen aan Guyana (voormalig Brits-Guiana), in het
zuiden aan Brazilië en in het noorden aan de Atlantische Oceaan. Het land is 163.820 km² groot en heeft
een kustlijn van 386 km.

Door het midden en oosten van het land stroomt de Surinamerivier. Van 1927 tot 1983 was er ook nog
een gelijknamig district Suriname. Dit district werd in meerdere fases opgedeeld en in 1983 opgeheven.

Suriname wordt wel als een van de verwantschapslanden van Nederland beschouwd. Tot 25 november
1975 was Suriname een land binnen het Koninkrijk der Nederlanden.
Geschiedenis

De eerste geslaagde Europese kolonisatie vond vanaf 1650 plaats door de Engelsman Francis
Willoughby. Om planters aan te trekken was vrijheid van godsdienst geregeld. Tijdens de Tweede
Engels-Nederlandse Oorlog werd Suriname in 1667 door Abraham Crijnssen veroverd op de Engelsen
die onder leiding van William Byam stonden. Bij de Vrede van Breda zagen de Nederlanders voorlopig
af van de teruggave van de door de Engelsen ingenomen Nederlandse kolonie Nieuw-Amsterdam (de
huidige staat New York); op hun beurt eisten de Engelsen niet meteen dat Suriname ontruimd zou
worden en deden de toezegging om de Banda-eilanden aan de Nederlanders over te laten. Meestal
wordt gesproken van een “ruil” van beide gebieden. Na de Derde Engels-Nederlandse Oorlog werd
deze feitelijke toestand in 1674 de officiële door de Vrede van Westminster. Diverse Engelse families
verlieten Suriname en verhuisden naar Jamaica. Toen duidelijk werd dat de Zeeuwen niet in staat waren
de Surinaamse economie van de grond te krijgen, is in 1683 de Sociëteit van Suriname opgericht. De
eerste gouverneur van Suriname onder het bewind van de Sociëteit was Cornelis van Aerssen van
Sommelsdijck. Hij had één derde van de rechten op Suriname aangekocht. De stad Amsterdam en de
West-Indische Compagnie (WIC) bezaten daarnaast ieder een derde. Aan het einde van de 18e eeuw
ging de WIC failliet; de familie Van Aerssen had haar bezit al eerder verkocht. Amsterdam was toen de
enige belanghebbende.

Ook het naburige Berbice en Essequibo, ongeveer het huidige Guyana, werd gekoloniseerd door
Nederlanders. Suriname, Berbice en Essequibo vormden het zogenaamde Nederlands Guiana. In 1814,
nog vóór het Congres van Wenen, zou Zweden een poging doen om het beheer over Suriname en
Curaçao in handen te krijgen in ruil voor Guadeloupe. Het lukte de Engelse diplomaat Castlereagh de
Zweden af te kopen voor een miljoen pond in contanten. Nederlands Guyana werd in 1815 nog eens
verdeeld in Suriname, dat in Nederlands bezit bleef, en het huidige Guyana, dat een Britse kolonie werd:
Brits Guiana.

Onder internationale druk en druk van de Surinaamse Onafhankelijkheidsstrijders werd de slavernij in

Suriname uiteindelijk opgeheven op 1 juli 1863.

In 1954 verkreeg Suriname een semi-autonome status binnen het Koninkrijksverband. Op 25
november 1975 werd Suriname onafhankelijk. Gouverneur Ferrier, premier Den Uyl en Koningin
Juliana ondertekenden het verdrag. Sindsdien is de officiële benaming Republiek Suriname (zie
toescheidingsovereenkomst). Van 1980 tot 1989 was Suriname een dictatuur onder legerleider Desi
Bouterse.

Geografie

Suriname heeft een oppervlakte van 163.820 km².

Belangrijke rivieren in Suriname zijn de Marowijne (grensrivier met Frans-Guyana), de Suriname, de
Commewijne (lopend van oost naar west), de Coppename, de Tapanahony (zijrivier van de Marowijne),
de Saramacca en de Corantijn, die de grens met Guyana vormt. Alle rivieren, behalve de Commewijne,
lopen van het zuiden naar het noorden.

In Suriname zijn verschillende landschappen te onderscheiden. De noordelijke strook van 30 tot 100
km breed is moerasgebied (zwamp). Dit deel behoort tot de kustvlakte van de Guyana’s en strekt zich
uit van de monding van de Amazone tot voorbij de delta van de Orinoco. Door de afzetting van enorme
hoeveelheden sediment afkomstig van de Amazone is deze kust de snelst groeiende kustlijn ter wereld.

Het middengedeelte van Suriname bestaat uit een laag, glooiend bosland, dat door houtkap her en der
dreigt te veranderen in savanne.

In de zuidelijke helft van het land liggen meerdere bergketens, die allemaal tot het Hoogland
van Guyana behoren. Dit zijn onder andere het Oranjegebergte, Van Asch van Wijckgebergte,
Wilhelminagebergte, Eilerts de Haangebergte, Grensgebergte en het Toemoek-Hoemakgebergte. De
hoogste top is de Julianatop (1280 meter).

Klimaat

Suriname heeft een tropisch regenwoudklimaat, met een grote- en kleine regentijd, alsook twee droge
tijden. De temperatuur schommelt tussen 24 en 36 graden Celsius. Gedurende de regentijd is de
gemiddelde temperatuur 27,3 graden, terwijl die tijdens de droge tijd oploopt naar 32 graden Celsius. ‘s
Morgens loopt de temperatuur geleidelijk op van ca. 24 graden naar 32-34 graden (14.00-16.00 u.) om
daarna geleidelijk aan weer te dalen naar 24 graden (04.00-06.00 u.).

Natuur

Suriname kent een grote verscheidenheid aan flora en fauna. Nog altijd is het overgrote deel van
Suriname met oerwoud bedekt. Dit oerwoud maakt deel uit van het grootste tropische regenwoud

op aarde, het Amazoneregenwoud, waarvan het grootste deel op Braziliaans grondgebied ligt. Het
Surinaamse binnenland is daarom een geliefd studieoord voor biologen uit de gehele wereld. Op het
strand bij Galibi bevinden zich bijzondere populaties zeeschildpadden die door de lokale bevolking
Aitkanti genoemd wordt. Dit is de lederschildpad (Leatherback), de meest voorkomende schildpad;
hiernaast komen nog een aantal andere soorten voor. Verder komen in Suriname onder andere voor
de bedreigde en beschermde jaguar, de luiaard, de reuzen miereneter, de kaaiman (o.a. in Bigi Pan,
Nickerie), het doodskopaapje, de brulaap, de tapir (o.a. bij Kabalebo) en de rode ibis (vooral in Bigi Pan,
Nickerie). In 2005 werd Suriname nog even wereldnieuws, toen in Oost-Suriname ongeveer 25 nieuwe
diersoorten werden ontdekt (Nassau- en Lelygebergte).

Er zijn bedreigingen voor de natuur, met name door de ontbossing, ongebreidelde bauxietwinning
en door verontreiniging als gevolg van kleinschalige mijnbouw (met name goudwinning). Suriname
heeft echter een lange historie op het gebied van natuurbescherming en ook op dit moment zijn er
verschillende organisaties actief, zoals Stinasu, ’s Lands Bosbeheer en wwf-guiana’s.

Vanuit Nederland wordt het Surinaamse milieu- en afvalbeleid dagelijks kritisch gevolgd door Paul
Kraaijer. Hij schrijft en publiceert ook over dat beleid. Onderwerpen waar hij zich onder andere op
richt zijn het verontreinigen door kwik van kreken in het binnenland door kleinschalige, veelal illegale
goudwinning (Brownsberg), de ontwateringsproblematiek van Groot Paramaribo, het verbranden van
afval in de buitenlucht omdat een goede structurele vuilnisophaaldienst ontbreekt, de omgang met- en
opslag van laagradioactief afval, het dumpen van afval en grofvuil en toekomstige ontwikkelingen in met
name West-Suriname waar een geïntegreerde bauxietindustrie is gepland in het Bakhuisgebergte.

Suriname telt 11 beschermde natuurreservaten, 1 natuurpark en 4 bijzondere beheersgebieden.

Economie

Het Ministerie van Financiën

Suriname is zeer rijk aan natuurlijke hulpbronnen en wordt op grond daarvan wel als zeventiende
land op de lijst van rijkste landen geplaatst. De natuurlijke hulpbronnen omvatten onder andere hout,
bauxiet, goud en porseleinaarde (kaolien). Ook bevinden er zich kleine hoeveelheden nikkel, koper,
platina en ijzererts.

Een belangrijke pijler van de Surinaamse economie is de winning van bauxiet door Suralco en Billiton bij
het plaatsje Moengo, niet ver van Albina. Van de Surinaamse export komt 70 procent op rekening van
het bauxiet. Aanverwante industrie: aluinaardefabriek en aluminiumsmelterij (Billiton en Alcoa). Ten
zuiden van Paramaribo is door de aanleg van een stuwdam in de rivier de Suriname het Prof. Dr. Ir. W.J.
van Blommesteinmeer ontstaan; een waterkrachtcentrale gevoed door het meer, levert elektriciteit,
onder meer voor de productie van aluminium. Bouwonderneming: Alcoa.

Een tweede belangrijke pijler, zo niet de belangrijkste, is de winning van aardolie door Staatsolie
Maatschappij Suriname N.V., voornamelijk in Saramacca, een district 45 kilometer verwijderd

van Paramaribo. Dit bedrijf is reeds sinds 13 december 1980 actief en Suriname is de enige
aandeelhouder. Al 30 jaren draagt Staatsolie bij tot de ontwikkeling van Suriname. Het bedrijf is
tevens agent voor de staat, bevordert actief het koolwaterstofpotentieel van Suriname en controleert
aardolieovereenkomsten namens de staat.

Andere takken van de economie zijn landbouw en visserij, houtwinning en handel.
Landbouwproducten: rijst, bacoven (bananen), palmpitten, kokosnoten, pinda’s, rundvlees, kippen,
bosproducten, garnalen.

Export: onder meer rijst, garnalen, bacoven en palmolie.
Import: Consumptiegoederen, olieproducten, voedingsmiddelen, katoen, productiemiddelen.
Munteenheid: de Surinaamse dollar (=100 cent); code: SRD. Per 1 januari 2004 is de Surinaamse gulden
als munteenheid vervangen door de Surinaamse dollar. De nominale waarde werd daarmee met
een factor duizend verkleind. Duizend Surinaamse guldens is dus 1 Surinaamse dollar geworden. Een
eigenaardig bijeffect is dat het oude muntgeld, dat door de devaluatie niet meer werd gebruikt, opeens
het duizendvoudige waard is geworden.